Zo geef ik Tao-training
Tao-training kun je op veel manieren benaderen. Voor mij begint het uiteindelijk niet bij een theorie, maar bij ervaring.
Wat gebeurt er werkelijk in je lichaam wanneer je een oefening doet? Wat verandert er in je ademhaling? Waar ontstaat spanning of juist ruimte? Wat gebeurt er wanneer je je aandacht naar een orgaan brengt, een beweging anders uitvoert of niet probeert iets voor elkaar te krijgen?
Dat onderzoek staat in mijn lessen centraal.
Eerst ervaren, dan begrijpen
Binnen Tao wordt gewerkt met begrippen als chi, levenskracht, yin en yang, meridianen, organen en energiebanen.
Je hoeft van mij niet eerst te geloven dat dit allemaal bestaat of precies zo werkt als het binnen een bepaalde traditie wordt beschreven.
Ik vind het interessanter om ermee te oefenen.
Wanneer je een oefening doet en daarbij iets begint waar te nemen, ontstaat er een ander soort begrip dan wanneer je alleen een uitleg hebt gehoord. Soms sluit wat je ervaart heel duidelijk aan bij een traditioneel Taoïstisch model. Soms roept het juist nieuwe vragen op.
Beide zijn welkom.
Een model kan helpen om ervaringen te begrijpen, maar het model mag nooit belangrijker worden dan wat je daadwerkelijk waarneemt.
Leren luisteren naar je lichaam
Veel mensen zijn gewend hun lichaam vooral te gebruiken.
Het lichaam moet zitten, lopen, werken, sporten en doen wat we bedacht hebben. Pas wanneer het pijn gaat doen, uitgeput raakt of protesteert, gaan we er werkelijk naar luisteren.
Tao-training draait dat voor een deel om.
Je brengt steeds opnieuw je aandacht naar binnen en leert subtieler waarnemen wat er gebeurt. Je merkt bijvoorbeeld hoe je ademhaling reageert op spanning, waar je onbewust spieren aanspant, wat een bepaalde houding doet en hoe aandacht invloed heeft op wat je voelt.
Daarbij probeer je niet voortdurend iets te verbeteren.
Juist wanneer het idee verdwijnt dat een oefening onmiddellijk ergens toe moet leiden, wordt vaak veel duidelijker wat er in het lichaam gebeurt.
Vanuit die waarneming kan vervolgens wel degelijk iets veranderen: spanning kan verminderen, ademhaling kan vrijer worden, de aandacht kan dieper in het lichaam zakken en levenskracht kan zich anders gaan bewegen.
Dat luisteren naar je lichaam is voor mij niet alleen een manier om beter te ontspannen of jezelf beter te begrijpen. Wanneer je minder wordt bepaald door aangeleerde patronen, verwachtingen en het beeld dat je van jezelf hebt, kan er ook contact ontstaan met een ruimere of hogere dimensie van jezelf. Dat noem ik het Werkelijke Zelf. Daarin kun je meer vrijheid, levenskracht, bewustzijn, helderheid en inspiratie ervaren dan wanneer je uitsluitend vanuit bekende egopatronen leeft.
Werken met levenskracht
Tao-training gaat voor mij niet alleen over ontspanning of lichaamsbewustzijn.
We werken ook heel concreet met levenskracht.
Je kunt leren energie op te bouwen, aan te vullen, te verzamelen en door het lichaam te laten circuleren. Tegelijk leer je niet alleen energie te sturen, maar ook waar te nemen waar zij uit zichzelf naartoe wil bewegen en wat er gebeurt wanneer je haar meer ruimte geeft. Je kunt onderzoeken waardoor energie stagneert of versnipperd raakt en wat helpt om haar weer vrijer door het lichaam te laten bewegen.
Daarbij gebruik ik onder andere oefeningen uit het Universal Healing Tao-systeem, zoals de Innerlijke Glimlach, de Zes Helende Klanken, spiralende bewegingen in en rond de organen en de Hemelse Kringloop.
Het interessante is uiteindelijk niet dat zo'n oefening een bijzondere naam heeft, maar wat er gebeurt wanneer je hem langere tijd werkelijk beoefent.
De groep is onderdeel van de training
Hoewel veel Tao-oefeningen sterk naar binnen gericht zijn, train je niet in afzondering.
Iedereen in de groep is voor mij even waardevol. Tegelijk beïnvloeden we elkaar voortdurend, vaak zonder dat we ons daar bewust van zijn. Spanning, ontspanning, ademhaling, beweging, aandacht en de manier waarop iemand aanwezig is, werken door in de groep. Een deel van die wederzijdse beïnvloeding wordt in psychologische en lichamelijke termen co-regulatie genoemd. Binnen Tao ervaar ik die afstemming ook op energetische en spirituele niveaus.
Soms ervaren verschillende mensen tegelijkertijd iets vergelijkbaars, zonder dat daar vooraf over gesproken is. Ook dat kan deel uitmaken van de gezamenlijke afstemming die in een groep ontstaat.
Die afstemming werkt ook zonder woorden. Door mijn eigen ademhaling, houding, tempo, aandacht of aanwezigheid kan ik soms helpen om meer rust of balans in de groep te brengen. Op andere momenten gebruik ik een instructie om de gezamenlijke training bij te sturen.
Co-regulatie is ook een belangrijk verschil tussen trainen met mensen en uitsluitend werken met bijvoorbeeld een boek, video of AI-begeleiding. Een AI kan uitleg geven, vragen beantwoorden en je door een oefening begeleiden, maar neemt niet lichamelijk deel aan de onderlinge afstemming die tussen mensen ontstaat.
In een groep of één-op-één begeleiding ontstaat bijsturing daarom niet alleen via mentaal begrijpen en bewuste correctie. Er vindt ook afstemming plaats via emoties en lichamelijke signalen, vaak al voordat we die cognitief hebben geïnterpreteerd, en voor mij ook via het energetische of etherische lichaam en het spirituele lichaam. Daardoor kan er soms al iets verschuiven in ademhaling, spanning, houding of energetische balans voordat daar woorden voor nodig zijn.
Juist die levende, meerlagige afstemming is voor mij een wezenlijk onderdeel van training.
Dat betekent niet dat iedereen hetzelfde hoeft te voelen of doen. Juist verschillen zijn waardevol. De ervaringen, waarnemingen en vragen van deelnemers zijn wezenlijk onderdeel van wat er in de groep ontstaat.
De training hoeft daarom niet iedere week exact volgens een vooraf vastgesteld programma te verlopen. Ik stem af op wat er in de groep gebeurt en wat op dat moment zinvol is om verder uit te werken.
Aanwijzingen zonder je uit de oefening te halen
Tijdens een groepsles observeer ik wat er gebeurt, maar ik loop niet voortdurend langs deelnemers om iedere beweging individueel te corrigeren.
Wanneer je tijdens een innerlijke oefening het gevoel krijgt dat ik voortdurend kijk of je het wel goed doet, verschuift je aandacht gemakkelijk naar buiten. Je gaat jezelf controleren of probeert te voldoen aan wat je denkt dat er van je verwacht wordt.
Dat is bijna het tegenovergestelde van wat ik met de training wil.
Wanneer ik ervaar dat iemand iets forceert, een beweging erg groot maakt, de adem inhoudt of op een andere manier uit de oefening raakt, benoem ik dat daarom meestal als een algemeen aandachtspunt voor de hele groep.
Bijvoorbeeld: misschien merk je dat je probeert de beweging groter te maken dan nodig is. Of dat je zo geconcentreerd raakt dat je ongemerkt je adem vasthoudt.
Iedereen kan dan zelf onderzoeken: gebeurt dit bij mij ook?
Zo kan een aanwijzing de hele groep helpen opnieuw af te stemmen, zonder dat één deelnemer eruit wordt gelicht of de aandacht van binnen naar buiten verschuift.
Niemand hoeft de juiste ervaring te hebben
Ook binnen die gezamenlijke afstemming hoeft niet iedereen hetzelfde te ervaren.
De ene persoon voelt tijdens een meditatie of energetische oefening onmiddellijk warmte, stroming of duidelijke veranderingen. Een ander voelt weinig, of juist iets wat helemaal niet lijkt te passen bij wat er volgens de theorie zou moeten gebeuren.
Dat betekent niet automatisch dat de een de oefening beter doet dan de ander.
Zodra je probeert de ervaring te krijgen die je denkt te moeten hebben, wordt het moeilijker om onbevangen waar te nemen wat er werkelijk gebeurt. Daarom geef ik richting, beschrijf ik mogelijkheden en deel ik mijn ervaring, maar blijft jouw eigen waarneming het uitgangspunt.
Nuchter en onderzoekend, zonder het energetische weg te verklaren
Door mijn achtergrond in psychologie en cognitieve ergonomie ben ik gewend onderzoekend te kijken naar waarneming, aandacht, gedrag en de wisselwerking tussen een mens en zijn omgeving.
Mijn belangstelling voor bewustzijn, lichaam en innerlijke processen bestond overigens al vóór mijn studie. De psychologie gaf mij vooral extra manieren om daar systematisch naar te kijken en mijn waarnemingen praktisch te vertalen.
Daarnaast ben ik opgeleid en werkzaam als therapeut. Daardoor ben ik ook gewend te kijken naar de samenhang tussen lichaam, spanning, emoties en oude patronen.
Die achtergrond draagt bij aan mijn manier van lesgeven.
Ik vind het belangrijk om nuchter te blijven. Niet iedere sensatie hoeft onmiddellijk een groot energetisch verschijnsel te worden genoemd en niet iedere theoretische verklaring hoeft waar te zijn omdat hij al eeuwen wordt doorgegeven.
Maar het omgekeerde vind ik evenmin zinvol.
Wanneer iemand heel duidelijk energie, stroming, warmte, beweging of veranderingen in en rond de organen ervaart, hoef ik dat niet onmiddellijk terug te vertalen naar een uitsluitend psychologische of lichamelijke verklaring.
We kunnen ook gewoon onderzoeken wat er gebeurt.
Tao wordt interessant wanneer je het meeneemt naar je dagelijks leven
Een meditatie van twintig minuten kan prettig zijn, maar voor mij begint de werkelijke betekenis van Tao-training wanneer wat je oefent ook buiten de les beschikbaar komt.
Dat je tijdens een gesprek merkt dat je je adem inhoudt.
Dat je voelt dat je jezelf aanspant voordat je eigenlijk weet waarom.
Dat je eerder merkt wanneer je energie verliest, onrustig wordt of te veel energie naar boven brengt.
Dat je kunt voelen wanneer je steviger in jezelf staat en wanneer je jezelf verliest in wat er om je heen gebeurt.
En dat je geleidelijk steeds meer mogelijkheden krijgt om daar zelf iets mee te doen.
De oefeningen worden dan geen afzonderlijke techniek meer. Ze helpen je om gedurende de dag beter in contact te blijven met je lichaam, aandacht en levenskracht.
Mijn achtergrond in Tao
Ik geef inmiddels meer dan 25 jaar Tao-training. Mijn ervaring met het begeleiden van mensen gaat verder terug: daarmee ben ik in 1988 begonnen.
Binnen het Universal Healing Tao-systeem van Mantak Chia ben ik opgeleid tot Senior Instructor en heb ik ook mensen opgeleid tot UHT-instructeur.
In die jaren heb ik uitgebreid gewerkt met deze Tao-oefeningen en met andere vormen van energetische en meditatieve training.
Vanuit Avanturijn heb ik deze Tao-kennis steeds verder verbonden met mijn achtergrond in psychologie en therapie en met mijn eigen jarenlange ervaring in het beoefenen en onderwijzen van Tao.
Daaruit is in de loop van de jaren mijn eigen manier van trainen ontstaan: praktisch, lichaamsgericht en onderzoekend, met respect voor de traditionele Taoïstische kennis maar zonder dat je iets hoeft aan te nemen omdat een leraar zegt dat het zo is.
Uiteindelijk wil ik je niet leren wat je zou moeten voelen.
Ik wil je helpen steeds beter te ontdekken wat je zelf werkelijk kunt voelen en waarnemen — en wat er mogelijk wordt wanneer je daarmee leert werken.